Klimaatneutraal

Een bijdrage van Vincent Cantrijn, gepubliceerd op 21 november 2014

NEC heeft al sinds begin dit jaar geen huur aan de Gemeente betaald voor het Goffertstadion. Het gaat om heel veel tonnen. Een beetje huurbaas zou al lang streng hebben opgetreden. Zo niet de gemeente Nijmegen. Onder strikte voorwaarden wil het College uitstel van betaling geven, maar het moet niet te gek worden. Vanaf het seizoen 2015 moet er wel een beetje op tijd betaald gaan worden, anders volgen er maatregelen. In mijn fantasie zie ik dan wat de gemeente doet. De huurder na alle vergeefse aanmaningen op straat zetten. Voor NEC betekent dit, dat ze voortaan, net als zo veel voetballers, hun wedstrijden moeten spelen op de Goffertwei. Met een paar jassen als doelpalen. Lees verder »

Fiascomuseum

Een bijdrage van Jac. Splinter, gepubliceerd op 17 november 2014

Bekijk hier de video over het Fiascomuseum
Waar een klein stad groot in kan zijn. En dan toch pakweg een dikke 160.000 bezoekers per dag…dat halen de meeste musea nog niet in een jaar ;-)

Missen

Een bijdrage van Vincent Cantrijn, gepubliceerd op 14 november 2014

U heeft mij een tijd moeten missen. Dat klopt. Ik was met 2 vrienden in Nepal. De Himalaya was als vanouds: kleurrijk; helder; overweldigend. Lees verder »

VERSCHIL BENADRUKKEN

Een bijdrage van Mark Enneken, gepubliceerd op 13 november 2014

‘Als je het op de vierkante meter Nijmegen niet vindt, hoef je elders niet te zoeken’, staat in sierlijke blauwe letters op een tegeltje boven mijn voordeur.

Ik ben verknocht aan de stad.

Toch trek in de deur andermaal achter me dicht om de komende weken elders te ontdekken wat ze er daar van gemaakt hebben.

Zoek de verschillen.

Het blijft een genot om te zien hoe mensenhanden uit een negorij een steeds weer wisselend doolhof vol speelse stadsgezichten wisten te scheppen.

De wereld is gedrapeerd met schoonheid alleen is die niet altijd even ontgonnen.

Neem Nijmegen.

Als Nijmegen ergens het verschil kan maken dan is het wel met de uiterst bekoorlijke ligging op een stuwwal die als een guirlande oprijst uit de Waal om over vijf heuvels uit te waaieren.

Nergens is de lokale ansichtkaart aantrekkelijker dan vanaf het Valkhof of de Belvédère waar de Hertog van Parma lang geleden niet voor niets uitriep dat het uitzicht er ‘belle’ en ‘vedere’ was en de man kon het weten.

Alleen begreep Nijmegen het niet helemaal.

Om een of andere duistere reden is de stad behept met een deerniswekkende vorm van hoogtevrees die meteen na de oorlog de kop op stak.

Omdat de Augustijnenstraat te steil was werd aan de ene kant de Grote Markt afgegraven en de Bloemerstraat aan de andere kant waarna alles op het hoopje van Plein 1944 werd gegooid.

Dat loopt wat gemakkelijker voor het winkelend publiek was eertijds het devies dat bij de nieuwe bestrating van het plein even over het het hoofd is gezien, maar dat terzijde.

Ronduit tragisch was de karaktermoord op de Lindenberg.

Geen straatje of gasje in de oude stad was stikker dan deze bevallige vallei tussen Valkhof en oude Benedenstad maar daar dacht de vroedschap even anders over.

Dwars door het middeleeuwse weefsel werd in de jaren vijftig bruut een kolossale muur opgeworpen die bedoeld was om de onderstad bij de bovenstad te trekken maar het resultaat is een naargeestige barrière.

Dat Groene balkon staat model voor de voortdurende ontwrichting tussen stad en rivier op een plek waar het hooglied van een eeuwig durend verbond moet schallen.

Geen dreun maar een innige omhelzing.

Het moet maar eens gezegd worden: die herbouwde Benedenstad is in de kern een gemiste kans omdat nagelaten is een zoenoffer te brengen op het altaar van het vreemdelingenverkeer.

In plaats van te pronken met markante hoogteverschillen en die uit te buiten is de handel aan de Waal even bruut genivelleerd als het college nu op een ander terrein propageert.

Ik ga maar eens kijken hoe ze dat elders aan de rivier opgelost hebben.

Je vindt helaas niet alles op die spreekwoordelijke vierkante meter Nijmegen.

Toch jammer.

Mark Enneken

Tussen droom en daad

Een bijdrage van Maerten Prins, gepubliceerd op 11 november 2014

Talia/Doornroosje zoals het bedoeld was en zoals het geworden is.

Taliailat

Een bijdrage van Maerten Prins, gepubliceerd op 8 november 2014

ZUCHT OP TERRAS

Een bijdrage van Mark Enneken, gepubliceerd op 6 november 2014

Helaas, ze zijn weer voorbij, die mooie dagen dat het leven van de straat als vanzelf overliep op terrassen

Als de stad zich ergens binnenste buiten keert dan is het wel daar waar de goegemeente gretig neerstrijkt om zich te laven aan drank, passanten en enige babbelzucht.

Het collectieve leugenbankje van de gemeenschap ligt op straat zolang het de weergoden behaagt en tot begin november waren die uitzonderlijk mild door voortdurend uitstel van de weersomslag te verlenen

Net zoals dat Vrijheidsuseum waar gelovigen steeds opnieuw lichtpuntjes ontwaren terwijl we allang weten wat het lot is.

Als ze die Vasim omtoveren in de beoogde uitstalkast van goede bedoelingen, dan is die vitrine gedoemd opgenomen te worden in het tragische rijtje van lokale miskleunen als roltrap Snelbinder, inrichting Stationsplein, lift Oversteek, bestrating Plein 1944 en waterkunst Waalkade.

Kapitaal geblunder dat de babbelzucht op een nazomers terras weliswaar bevredigt, maar daar blijft het bij.

Zucht.

Nog afgelopen weekeinde werd er schamper verhaald over de stadhuiselijke regel die tot voor kort verbood om na september nog een terras te exploiteren op straffe van zware boetedoening.

Meteen daarop bedacht de horeca het winterterras; een aangebouwde erker die karakteristiek is voor Parijs maar alhier verstopt is geraakt achter een veelvormige uitdragerij van overkappingen met ingebouwde verwarming en schotten.

Een bivak voor de doorgewinterde gast die er het rookverbod omzeilt maar geen bijdrage levert aan verfraaiing van het stadsgezicht.

Sinds de opheffing van de schoonheidscommissie is het er allemaal niet mooier op geworden, maar de gemeente hoor je er niet over.

Dat krijg je als het stadsbestuur belangen verstrengelt en gesubsidieerde instituten opeens alle ruimte biedt om de concurrentie te vervalsen met terrassen op de stoep van theater, museum of bibliotheek.

Na de Mariënburg staat nu het Kelfkensbos met het Valkhofmuseum op de stoep.

Het verhaal van de schoenlapper die buiten zijn leest om riblapjes verkoopt, of de burgemeester die tegen betaling met hagelslag strooit.

Kijk, dat ze die handel binnenskamers alcoholisch ondersteunen is tot daar aan toe en dat zie je tweewekelijks na een raadsvergadering als de kelder in een babbelbox verandert, maar als de trend zich even doorzet verkast die afterparty straks naar de stoep voor het stadhuis.

En wie betaalt het gelag?

Waarschijnlijk de horeca die met een duur stukje gemeentelijke terrasgrond poogt te overleven.

Je hoort ze zuchten.

Mark Enneken

STEDELIJK KLUITJE

Een bijdrage van Mark Enneken, gepubliceerd op 30 oktober 2014

De neiging om knus op een kluitje te kruipen is van alle tijden en Nijmegen dankt er haar ontstaan aan.

Toen enige Duitsers, vermomd als Batavieren, hier in biervaten aanspoelden sloegen ze op het hoog en droog gelegen Valkhof onmiddellijk hun tenten op om er te dobbelen en gerstenat te brouwen.

Oppidum Batavorum.

Die nederzetting maakte de weg vrij voor regelaars als Trajanus, Karel de Grote, Barbarossa en Teddy Vrijmoet. Lieden die de kunst verstaan het kluitje bij elkaar te houden, al is die Keizer Karel er onlangs schielijk tussenuit gepiept omdat zijn missie in een verkleedpartij bleef steken.

Bij de feestwinkel weten ze er na de roof van enige feestpakjes ongetwijfeld meer van, maar op de sociale media heb ik geen Karel kunnen betrappen.

Wel de halve Nijmeegse Ondernemers Sociëteit, gehuld in Lederhose en Dirndl, want het grote bierfestijn kan beginnen nu op de Grote Markt vermomde “Hübschen Buben” zijn aangespoeld om er in een groteske tent te komen brassen en te schransen.

Massief op een kluitje.

Je zou toch denken dat er via die ondernemers vanuit de skybox wel iets op de Goffert te regelen was, maar nee, ze willen dat gans het stadshart hoort en ziet dat het oktober is.

En ?

Als NEC nou kon tippen aan München zou de buitenstaander nog iets kunnen bevroeden, maar zelfs voor Robben is het Oktoberfest intussen allang voorbij dus rijst de vraag wat we hier moeten met die jolijt van Käfer’s Schänke, Armbrustschützen oder Hofbräuhäuser ?

Feestwethouder Van Hees mag het weten.

Het zal ongetwijfeld met het dna van die aangespoelde Batavieren te maken hebben, maar tijdens de voorbije Dagen van de Nijmeegse Historie is er met geen woord over gerept.

Intussen wordt het historisch hart van de stad wel een week lang ontsierd door een tentenkamp dat met pijn en moeite tussen alle terrassen, kramen, karren en monumenten gewurmd is en dat terwijl de Waalkade om vertier schreeuwt om te overleven.

Zelfs het beeld van Mariken is zonder pardon geconfisqueerd door de ondernemende Bratwurst-connectie.

Die tent past hier niet, maar wringt.

Het is alsof de pannekoekenboot rondjes moet varen in de bevroren vijver van het Kronenburgerpark.

Of voorbeelden van gelijke strekking.

Waarschijnlijk heeft de gemeente zich gewoon met een kluitje in het riet laten sturen.

En ?

Mark Enneken

Belasting

Een bijdrage van Maerten Prins, gepubliceerd op 29 oktober 2014

KOLOS IN DE TUIN

Een bijdrage van Mark Enneken, gepubliceerd op 23 oktober 2014

Omdat Bottendaal en Willemskwartier nog bedacht moesten worden strooide de stad meer dan een eeuw geleden ruimhartig met grond om eindelijk de trein binnen te kunnen halen.

Oh, oh, oh wat waren we blij.

Tientallen jaren hadden we bij de koning op de knieën gelegen om opgenomen te mogen worden in de grote mensenwereld, maar de Staten Generaal zagen het uithoekje aan de Waal niet zitten omdat spoorbruggen prijzig waren.

Nijmegen was goed voor de beurtvaart, de pont en de postkoets.

Verder niet nuilen.

Eerst een kleine veertig jaar nadat Arnhem op het spoor werd aangesloten kwam Nijmegen om de hoek kijken, hetgeen meteen verklaart waarom het tussen NEC en Vitesse niet spoort, maar dat terzijde.

Dermate verheugd was Nijmegen dat men aanvankelijk zelfs vergat om een behoorlijk stationsgebouw te eisen, terwijl de Spoorwegen wel een terrein ter grootte van vele voetbalvelden in de schoot geworpen kreeg en dat breekt thans op.

Het Willemskwartier mort en dat is niet voor het eerst.

Toen Nijmegen zich in de jaren zeventig geen raad met het huisvuil wist kreeg de buurt een overlaadstation in de maag gesplitst, en dat ondanks alle demonstratieve volkswoede die onder leiding van de SP voor jaren een anarchistisch stempel op de stad zou drukken.

Maar dat was toen.

Onder auspiciën van een SP-wethouder wordt thans ernstig overwogen om de spoorkuil op te zadelen met een giga-werkhal die groter is dan de Broerstraat lang is hetgeen geen reden voor veel vreugde is.

Ik bedoel dan het soort vreugde dat wij ontlenen aan het bezit van een achtertuintje dat met behulp van Intratuin en Blokker omgetoverd is in een knus, groen lusthofje waar je schaamteloos je gang mag gaan zolang je er maar geen grote duiventil bouwt.

En wat anders is die spoorkuil anders dan een deel- en pluktuin van Willemskwartier en Bottendaal samen.

Laat ze die geplande kolos maar gebruiken als tunnel voor de Limburgse dieseltreintjes, maar dat wordt vooralsnog niet overwogen.

Integendeel.

Hier moeten straks vol-continue treinen worden opgelapt die nu massaal achter het Centraal Station uitgerangeerd staan te wezen.

Ook al midden in de stad.

Met wat goede wil moet het toch mogelijk zijn elders op een industrieterrein een paar vrije voelbalvelden te vinden waar de NS naar hartelust mag knutselen.

Als het maar niet in onze achtertuin is.

Not in my backyard, afgekort ‘nimby’, hetgeen in de bijbel van de ruimtelijke ordening staat voor een procedure waarbij de buurman opgescheept wordt met een vuiltje dat over de schutting wordt gegooid.

En?

Mark Enneken