Dit is het archief van de categorie ‘Economie’

#TweetvandeWeek024 – Groene Hert

Een bijdrage van Rosalie Thomassen, gepubliceerd op 10 mei 2013

Ons Groene Hert is failliet. De winkel en het advieskantoor, die ook een stichting en tevens een soort gemeentebalie was, heeft het hoofd niet boven water kunnen houden. En zoals bij ieder faillissement, helaas heel gewoon deze dagen, is dat vooral voor de betrokken medewerkers een tragische gebeurtenis.

De Gelderlander bericht vandaag dat de oorzaak ligt in het wegvallen van gemeentelijke subsidies en daarbij te weinig verkoop van duurzame producten. De consument komt wel voor advies, maar wil er kennelijk niet voor betalen. Zou de Nijmeegse consument dan gewoon geen trek hebben in duurzaam spul? Of zoals @MarietHaverkamp vandaag stelt…

Het lijkt er ook op dat ons Groene Hert nooit echt goed begrepen werd. Lees verder »

Vaticaanse musea in Nijmegen

Een bijdrage van Paul van der Heijden, gepubliceerd op 9 mei 2013

Vorige week waren we een paar dagen in Rome en hadden ons laten verleiden om de Vaticaanse musea te bezoeken. Met onze internetkaartjes hoefden we buiten gelukkig niet in de rij te staan, maar ook binnen was het zo enorm druk dat je nauwelijks meer kon lopen. De Vaticaanse musea zijn duidelijk niet gebouwd op de 4,5 miljoen bezoekers die ze jaarlijks trekken. Een absolute afrader.

Het grootste probleem van het museum is de wirwar van pauselijke collecties die elkaar voor een groot deel overlappen. Geen mens snapt waarom de voorwerpen nog steeds zijn gerangschikt per paus, en niet per tijdsperiode. Daarmee zou het allemaal een stuk overzichtelijker worden. Bovendien is het museum teveel volgestouwd. Als je de helft eruit gooit, blijft er genoeg over. Sterker zelfs, dan krijgt het museum veel meer kwaliteit.

Meer dan levensgroot borstbeeld van Hadrianus, een van de Romeinse keizers die Nijmegen heeft bezocht. Zou hij ooit terugkeren naar Nijmegen?

Er is een makkelijke oplossing voor dit probleem: open een filiaal. Zo heeft het beroemde Guggenheim Museum in New York een dependance in Bilbao, de Hermitage uit Sint Petersburg pronkt met een grachtenpand in Amsterdam en het Louvre heeft onlangs een vestiging geopend in Lens in Noord-Frankrijk. Laat ook de Vaticaanse musea een deel van haar collectie onderbrengen in een nieuw museum. En welke plek is daarvoor beter geschikt dan Nijmegen? We hebben zowel een rijke Romeinse als katholieke geschiedenis. De stad heeft internationaal bekende katholieken voortgebracht als Edward Schillebeeckx, Titus Brandsma en Petrus Canisius. Daarnaast ligt Nijmegen lekker centraal ten opzichte van Duitsland en België. Bovendien kan Nederland, vanuit Vaticaans perspectief, wel een religieuze impuls gebruiken. En waar kan dat beter dan in het laatste katholieke bolwerk ten zuiden van de grote rivieren?

Nu de paus nog overtuigen.

U bevindt zich hier – NOT

Een bijdrage van Maerten Prins, gepubliceerd op 20 februari 2013

Doe voorzichtig, daar ligt allemaal glas.

Joh, geeft niks, daar stap ik wel over heen.

Wat een geweldige service zeg, zo’n informatiezuil met een grote plattegrond er bij – meteen het eerste dat je ziet als je de stad binnen komt. Laten we eens kijken, waar zijn we nu?

Nou dat is tenminste duidelijk, hier, bij het pijltje, daar bevinden we ons.

O ja, natuurlijk. Maar. Eh. Klopt dat wel? We zitten volgens mij nog op de generatie Gavinstraat.

Hm … ja, dat snap ik ook niet.

Nou ja, geeft niks, laten we maar kijken waar we de auto kunnen parkeren. Ik heb er zin in: lekker een dagje winkelen in Nijmegen.

Nou, kijk hier, er zit een parkeerplaats hier vlak bij, achter de 3e Walstraat – dan lopen we zo de stad in. En als het daar vol is, dan zetten we de auto in de parkeergarage op de Hessenberg. Parkeren zal hier zeker veel goedkoper zijn dan in Amsterdam.

Prima. Kijk, hier kun je een plattegrond printen. Gratis! Dat is een fijne service.

Ja, maar, waarom doet dat ding nou niets? Het scherm doet niets. Maar er staat nergens dat ie defect is. Moet ik ergens voor een onzichtbaar oog met mn handen wapperen dat ie dan aanspringt? … Nee, niks …

Jammer. Maar geeft niets. We kunnen op de VVV vast wel een plattegrond halen. Hier: de VVV zit op het Keizer Karelplein 2.

Kat in het bakkie.

Hé, ik heb er echt zin in, een dagje winkelen in Nijmegen

Tolheffen voor gevorderden

Een bijdrage van Jac. Splinter, gepubliceerd op 4 februari 2013

Veel verschil met de middeleeuwen is er eigenlijk niet. Alleen de munteenheid is een keer of vijf veranderd, voor de rest blijft het geld vragen voor zogenaamd onderhoud en bescherming. Wat gebeurt er tegenwoordig met de stadstol? Het openingsfeestje van de nieuwe brug kost omgerekend 4500 boetes voor foutparkeren. Nog effe doorwerken dames heren stadswachten. Met een gemiddelde van 18 bonnen per dag komen we uit de kosten. Ze hadden er een ophaalbrug van moeten maken.

Parkeren in Nijmegen kost ongeveer tussen de 3 en de 30 cent per minuut; een beetje boete voor verkeerd/onbetaald parkeren kost al gauw 50 euri, maar het kan duurder: fout parkeren op een invalidenparkeerplaats kost meer dan 300 euri.

Boter bij de vis

Een bijdrage van Jac. Splinter, gepubliceerd op 14 januari 2013

Het is een slecht idee (van Groen Links o.a) om een nieuwe kortingskaart voor de minima in te voeren. De NijmegenPas was een mislukking, de CityChip werd drie keer niks. Het heeft de gemeente heel veel geld gekost maar het leverde de minima niets op. Kortomo: Turgay Tankir is goed bezig als hij nee zegt tegen die minimapas. Hebben we het nog niet eens over het stigmatiserende karakter van zo’n kaart. En wie gewoon om 10 procent vraagt bij de Wanco of bij ProArt krijgt dat negen van de tien keer ook. Daar heb je niet eens een pas voor nodig.
Dus: Gewoon bonnetjes declareren tot een bedrag van 100 euro pp en verder niks. Dan hebben de juiste mensen het extraatje rechtstreeks in de beurs. Kwestie van analoog de administratie bijhouden. Of is dat weer veel te simpel of te 1985? Dacht toch van niet.

Schoenen

Een bijdrage van Rosalie Thomassen, gepubliceerd op 6 november 2012

Illustratie uit het: Vakblad voor de Schoenmakerij en den Schoenhandel uit 1936

“Nijmegen is nooit een echte industriestad geweest”. Het was mijn steevaste overtuiging tot pakweg 6 jaar geleden, en deed mij concluderen dat deze geschiedenis evenals de aandenkens die nog resteren niet erg boeiend kunnen zijn. Totdat ik het genoegen had een tentoonstelling met boekwerk over verdwenen Nijmeegse nijverheid en merken samen te stellen, en erachter kwam dat de industriële geschiedenis van Nijmegen er een is vol prachtige verhalen over bijzondere Nijmegenaren van weleer.

Pas toen ontdekte ik de opvallende geschiedenis van de Nijmeegse schoenenindustrie, en besloot mijn bijdrage in het boekwerk vooral daarop te richten. Robinson, Swift, Nimco en de minder bekende Nijma schoenen. Allemaal merken van “voor mijn tijd”, met als enige uitzondering Nimco. Ook al worden de schoenen al heel lang niet meer in Nijmegen geproduceerd (in 1970 werden de laatste Nimco schoenen in Nijmegen gemaakt), en bleef er slechts een hoofdkantoor in Berg en Dal over….. Nimco bleef een beetje Nijmeegs. Al was het maar door het eerbetoon aan Nimwegen in de eigen naam. Met het recente faillissement lijkt het doek definitief gevallen. Lees verder »

Gloeiende plaat

Een bijdrage van Jac. Splinter, gepubliceerd op 22 oktober 2012

Vorig jaar, tijdens het collecteren voor stichting Gast, maakte ik het zelf mee dat mensen waar je aanbelde wel door ‘t gordijn keken maar niet opendeden. Kan en mag, maar is een beetje frustrerend. Als ze dan nog gewoon zouden zwaaien en daarmee duidelijk maken van “Nee je krijgt niks”. Soit.
Dus bedacht ik dit jaar een andere strategie: Als de berg niet naar Mozes komt, gaat Mozes naar de berg. Ik ga daar collecteren waar veel mensen langskomen en dan krijg ik misschien wel meer. Zeker weten doe je dat niet maar het is de moeite van het proberen waard. Vertelde ik tegen een collega en die bood spontaan aan om mee te collecteren.
Een vluchteling die tussen de bureucratischeWal en het samenlevingsSchip terecht gekomen is krijgt 40 € per week om van te leven en binnenkort ook een workshop “hoe overleef ik op straat”.

W2hAB adviseert:

Een bijdrage van Jac. Splinter, gepubliceerd op 8 oktober 2012

Er wordt toch heel wat afgeadviseerd hier in deze stad. Als nergensvanafwetende wethouder vraag je extern advies en ontloop je zo eventuele verantwoordelijkheid. Een beetje rapport kost al gauw een duizendje of 15 tegenwoordig. Leuk voor de adviesburo’s. Maar slecht omdat het de betreffende bestuurders ontbeert aan zelf nadenken, denk ik dan. En waar hebben we dan ook nog eens al die ambtenaren voor? Hebben die ook nergens verstand van? Kunnen die ook niet rekenen?

Lekker hard rijden

Een bijdrage van Paul van der Heijden, gepubliceerd op 22 september 2012

Ik rijd nogal eens naar Venlo en heb afgelopen tijd met lede ogen aangezien hoe de nieuwe maximum-snelheid-borden langs de A73 zijn neergezet. Behalve op het grondgebied van Nijmegen, waar de gemeente zich nog met hand en tand verzet.

Met ontstellend weinig tegenwerking heeft het kabinet Rutte de maatregel er door kunnen drukken, mede dankzij de politieke vrijage met Wilders (‘Iedereen wil toch lekker hard rijden?’). Een slechtere maatregel is bijna niet mogelijk: meer milieuvervuiling door uitstoot van fijnstof en stikstof, meer kosten voor aanpassing van de wegen, meer brandstofverbruik, meer verkeerslawaai, meer files en niet te vergeten meer verkeersslachtoffers. Als je die investeringen, de milieuschade en gezondheidsschade omrekent naar economische grootheden, kom je tot 2020 uit op een schade van enkele miljarden euro’s. En het ‘lekker hard rijden’ levert voor de afstand Nijmegen-Venlo een tijdwinst op van 1 minuut. Dat staat in geen enkele verhouding tot elkaar.

Sinds een paar maanden heb ik het nieuwe rijden omarmd. Betekent dat je op de snelweg 110 rijdt, omdat dat de meest efficiënte snelheid is voor energieverbruik van een verbrandingsmotor. En dat je zoveel mogelijk je auto laat uitrollen: met ingedrukte koppeling glijdt je auto nog honderden meters door, terwijl je nauwelijks snelheid verliest. Probeer het maar.

Het nieuwe rijden staat volledig haaks op de nieuwe maximum snelheden. In plaats van harder rijden, rijd je juist langzamer. En dat levert irritatie op, want Nederlanders staan bekend als de meest ongeduldige en minst tolerante automobilisten in West-Europa. Een zeer slechte gewoonte. Sommige landen die vanouds bekend stonden als verkeersgevaarlijk, zoals Frankrijk, zijn helemaal bijgedraaid. Maar in Nederland mag je schaamteloos hard rijden, energie verspillen, milieu vervuilen en anderen in levensgevaar brengen, puur voor de kick van het harde rijden.

Gedragsverandering duurt jaren, en misschien wel een hele generatie. Dat zagen we ook al bij afvalscheiding en het offensief tegen roken. De enige manier waarop een gedragsverandering in dit land kan slagen, is om mensen individueel te raken in hun portemonnee. En daar heeft het nieuwe rijden een heel sterk punt. Op één tank benzine rijd ik vergeleken met vroeger 200 kilometer méér. Dat scheelt nogal. Zullen we dan doen wie het laatst lacht?

Hopelijk waait er met het komende kabinet VVD/PvdA een nieuwe wind door politiek Den Haag. En krijgt het Groen-Linkse Nijmegen alsnog gelijk.

Attractie

Een bijdrage van Rosalie Thomassen, gepubliceerd op 2 augustus 2012

Porta Nigra in Trier (foto van E.G. Gatsby, via flickr.com)

Ik ben vast niet de enige Nijmegenaar die op vakantie ook de vergelijking zoekt met eigen stad. Onlangs bezocht ik Trier, de oudste stad van Duitsland. Hordes toeristen bezoeken Trier, ook in het hoogseizoen. Toeristische diensten floreren, een ronde met een ietwat malloterig treintje kost er € 7 per ritje van een klein half uurtje en vindt er gretig aftrek. Tal van souvenirwinkeltjes verkopen bergen feitelijk waardeloze prullaria. Ook al kent Trier ’slechts’ 100.000 inwoners, er zijn 39 hotels gehuisvest om alle toeristen een onderkomen te bieden. In de stad Nijmegen met 160.000 inwoners zijn er 9 hotels.

De toeristische attractiewaarde van Nijmegen is helaas lager dan die van Trier, moet ik bij thuiskomst concluderen. Trier dankt zijn attractiewaarde aan diverse beroemde monumenten uit Romeinse en middeleeuwse tijd, zoals de opvallende Romeinse stadspoort Porta Nigra. De unieke waarde van die monumenten maakt mensen nieuwsgierig: “Dat moet je een keer gezien hebben”.

In Nijmegen ontbreekt het aan vergelijkbare bezienswaardigheden. Hoe prachtig bijvoorbeeld de St. Stevenskerk ook is, het is nog geen Porta Nigra en kan niet zonder meer concurreren tegen de attractiewaarde van vergelijkbare monumenten in andere steden. Lees verder »