Het Masterplan Waalfront is naar de prullenbak. Er komt voorlopig geen nieuwe, opeengepakte nieuwbouwwijk achter de Nieuwe Haven. Een geluk bij een ongeluk, want dat biedt alsnog kansen voor het Romeinse erfgoed. Op deze plek lag namelijk Ulpia Noviomagus, met afstand de eerste, oudste, grootste en belangrijkste stad van Romeins Nederland. De gemeente laat zich van haar beste kant zien door hier serieus werk van te maken. De eerste stap is om iedereen duidelijk te maken waar we het eigenlijk over hebben. Daarom is Peter Nuyten gevraagd om een reconstructie te maken van de stad. Deze tekening is sinds vandaag levensgroot te bewonderen in de Keizer Karelgarage en in parkeergarage Kelfkensbos.
Het is de eerste keer dat we de Romeinse stad in volle glorie te zien krijgen, met alles erop en eraan: stadsmuren, poorten, forum, badgebouwen, tempels, haven, woningen, winkels en grafvelden. Daarmee kunnen we ons iets beter voorstellen wat een enorme impact deze stad had – niet alleen voor de omgeving, maar ook als voorloper en grondlegger van het hedendaagse Nijmegen.
Een bijdrage van Jac. Splinter, gepubliceerd op 22 mei 2013
De nieuwe damwand langs de Waalkade moet 100 jaar meegaan. Dat is tegenwoordig een hele lange periode waarin heel veel kan veranderen. Een beetje degelijk bouwen en het gaat veel langer mee. Er zijn nog wel meer factoren te noemen die het slijtageproces kunnen bevorderen, los van de ingrepen door menselijk handelen. Langetermijnplanning is natuurlijk best wel ingewikkeld als je niet op zit te letten als bestuurder. Dan ga je vreemde eisen stellen in een bestek en krijg je al bij de start van de verhernieuwing van de damwand een vertraging van een maand of vier.
(Het filmpje in de link naar het bericht in de Gelderlander is achterhaald: het labyrinth blijft liggen waar het ligt volgens de informatie op dit moment. Los van het amateuristische karakter van de animatie vraag ik me dan overigens ook af waarom er, als er zoveel haast bij leek te zijn in oktober 2012, wel geld uitgegeven wordt aan dit soort presentaties)
Volgende week zondag wordt de wielertoertocht “Heimwee naar Nijmegen” gehouden. Start en finish zijn bij café Frowijn aan de Fransestraat. Niks geen Hel van het Noorden, Hel van het Mergelland of de Hel van Wageningen. Dat klinkt op voorhand erg onheilspellend en lijkt meer iets voor fietsmasochisten. Nee; Heimwee naar Nijmegen. Dat geeft meteen een heel andere lading. Vorige week ging ik op de racefiets naar Breda. Ik passeerde een collega toerfietser, die me vroeg waar ik naar toe ging. “Ik ga naar mijn schoonmoeder in Breda” zei ik hem. “Waarom fiets je dan zo hard?” vroeg hij. Die vraag zal volgende week onderweg niet gesteld worden. Er zal zeker op de terugweg een tandje bij geschakeld worden om weer snel terug te zijn in Nijmegen. Heimwee naar Nijmegen. Wie kent dat gevoel niet? Ik in ieder geval wel. Lees verder »
Het is groot en stil in de Keizer Karelgarage tegenover het station. Op de eerste parkeerlaag staan enkele tientallen auto’s, waar plek is voor een paar honderd. De tweede parkeerlaag is zelfs helemaal leeg. Ventilatoren blazen traag een gevoel van nutteloosheid door de betonnen ruimte. Toch is het hier niet naargeestig, zoals in de meeste garages. Zachte kleuren maskeren het koude beton, en bovendien zijn de muren verwend met levensgrote afbeeldingen van de Canon van Nijmegen, vijftig in totaal. Heel slim en praktisch biedt de nummering een geheugensteuntje voor het terugvinden van de auto. Maar veel belangrijker nog vormen de afbeeldingen een eregalerij van de Nijmeegse geschiedenis. Voor elke gebeurtenis is een speciaal symbool ontworpen, zoals je dat ook ziet op verkeersborden langs de Duitse en Franse snelwegen. In het trappenhuis staat een begeleidend informatiebord.
Een unieke geschiedenis, prachtig vormgegeven op een bijzondere plek. Als entree voor deze speciale expositie betaal je niet meer dan een parkeerkaartje. Voetgangers zijn zelfs helemaal gratis. Waar vind je dat nog?
Een bijdrage van Jac. Splinter, gepubliceerd op 13 mei 2013
Ik had verwacht dat ik na het WOB verzoek over de financiering van het Oorlogsmuseum, gewoon een stapel vergaderstukken en verslagen ging krijgen van de ontmoetingen tussen ambtenaren en wethouders van de gemeente nijmegen en de initiatiefnemers van het Nationale Oorlogsmuseum in Nederland. Die komen al sinds 2010 over de vloer bij de burgemeester cs.
Ik kreeg na vier weken 14 pagina’s dossier, (waarvan er vier niet over het museum gingen) met de mededeling dat ze afgesproken hadden onderling om over de financiering niets te vertellen aan de burgers van het land.
Ik heb daar eens over nagedacht en de enige reden die ik kon bedenken waarom ze niets willen vertellen over de financiering is omdat er helemaal geen geld is!. Er zijn wat garantiestellingen maar aan de voorwaarden die daarbij gesteld zijn is bij lange na niet voldaan. Het museum gaat niet door!
Twee weken geleden deed ik de uitspraak, dat het CDA na het vertrek van Chantal Teunissen als fractievoorzitter bij de volgende verkiezingen voor de gemeenteraad wel eens op nul (= 0) zetels zou uitkomen. Meteen daarna werd ik aangesproken door Jaap Mooi; raadslid van deze partij, in de tijd dat het CDA er nog toe deed. Volgens Jaap had ik het helemaal bij het verkeerde eind. Want het bestuur van de Nijmeegse afdeling van het CDA had zojuist besloten om bij de verkiezingen vijf (= 5) zetels te halen. Of ik daar maar eventjes rekening mee wilde houden. Mijn antwoord, dat niet het bestuur, maar de kiezers uiteindelijk bepalen hoeveel zetels een partij haalt werd als een kleinigheidje terzijde geschoven. Het bestuur had dit besloten, dus dan was het zo. Dat ik daar anders over dacht lag vooral aan mij. Lees verder »
Vorige week waren we een paar dagen in Rome en hadden ons laten verleiden om de Vaticaanse musea te bezoeken. Met onze internetkaartjes hoefden we buiten gelukkig niet in de rij te staan, maar ook binnen was het zo enorm druk dat je nauwelijks meer kon lopen. De Vaticaanse musea zijn duidelijk niet gebouwd op de 4,5 miljoen bezoekers die ze jaarlijks trekken. Een absolute afrader.
Het grootste probleem van het museum is de wirwar van pauselijke collecties die elkaar voor een groot deel overlappen. Geen mens snapt waarom de voorwerpen nog steeds zijn gerangschikt per paus, en niet per tijdsperiode. Daarmee zou het allemaal een stuk overzichtelijker worden. Bovendien is het museum teveel volgestouwd. Als je de helft eruit gooit, blijft er genoeg over. Sterker zelfs, dan krijgt het museum veel meer kwaliteit.
Meer dan levensgroot borstbeeld van Hadrianus, een van de Romeinse keizers die Nijmegen heeft bezocht. Zou hij ooit terugkeren naar Nijmegen?
Er is een makkelijke oplossing voor dit probleem: open een filiaal. Zo heeft het beroemde Guggenheim Museum in New York een dependance in Bilbao, de Hermitage uit Sint Petersburg pronkt met een grachtenpand in Amsterdam en het Louvre heeft onlangs een vestiging geopend in Lens in Noord-Frankrijk. Laat ook de Vaticaanse musea een deel van haar collectie onderbrengen in een nieuw museum. En welke plek is daarvoor beter geschikt dan Nijmegen? We hebben zowel een rijke Romeinse als katholieke geschiedenis. De stad heeft internationaal bekende katholieken voortgebracht als Edward Schillebeeckx, Titus Brandsma en Petrus Canisius. Daarnaast ligt Nijmegen lekker centraal ten opzichte van Duitsland en België. Bovendien kan Nederland, vanuit Vaticaans perspectief, wel een religieuze impuls gebruiken. En waar kan dat beter dan in het laatste katholieke bolwerk ten zuiden van de grote rivieren?
Twee collega’s van Nijmegen Centraal hebben gisteren en eergisteren op hun eigen wijze stil gestaan bij de herdenkingen rondom 4 en 5 mei. Ik sluit me graag aan in deze rij. Ook met persoonlijke ontboezemingen. Dat komt door mijn kleinkinderen. Zij logeerden de hele week bij ons. Daardoor was het in meerdere opzichten een bijzondere week. De inhuldiging van Willem Alexander was natuurlijk kaasje voor mijn kleindochter van 7. Ze kon geen genoeg krijgen van de mooie jurken van de prinsesjes. En als het Wilhelmus klonk, zong mijn kleinzoon van 4 uit volle borst mee. “Heb ik op school geleerd, opa”, vertelde hij tegen mij. Hoewel alle woorden er bijna zonder fouten uit kwamen, zal de betekenis hem volledig zijn ontgaan. Dat geeft niks. Als je op deze leeftijden al enigszins door hebt dat er een koning en een koningin is en dat de Nederlandse vlag rood, wit en blauw is, zit het wel snor met het basisonderwijs. De rest zal dan zeker wel een keer komen. Lees verder »
Deze week was met enige regelmaat het onderwerp #Duitsers een ‘trending topic’ op Twitter. Niets te maken met de a.s. herdenking van de Tweede Wereldoorlog, maar ingegeven door bewondering voor het meesterlijke voetbalspel dat de Duitsers vertoonden.
Buiten de grenzen van Nijmegen laait opnieuw een discussie op. Mag men in Nederland ook de Duitse slachtoffers van de oorlog herdenken? Een taboe dat in Nijmegen niet zo relevant is. Lees verder »
Op het grondgebied van Groesbeek en Nijmegen ligt het grootste Romeinse monument van Nederland: de resten van een 5 kilometer lange waterleiding (aquaduct). Dit aquaduct bracht vers water van de heuvels van Berg en Dal naar de legioenplaats in Nijmegen-Oost, naar schatting zo’n half miljoen liter per dag. De gemeente Groesbeek heeft de waarde van het aquaduct begrepen en heeft een wandelroute, een website, een app, informatiepanelen, uitkijkplatforms en een videozuil laten maken. Nijmegen is daarin wat voorzichtiger met welgeteld 1 informatiepaneel. En dat terwijl bijna 2 kilometer van het tracé op Nijmeegs grondgebied ligt.
Eén van de meest indrukwekkende onderdelen van het aquaduct is de Broerdijk. Deze is door de Romeinen opgeworpen als een massieve dam, met daar bovenop een houten aquaductbrug en de eigenlijke (houten) waterleiding (voor een uitleg op video, zie hier). De Broerdijk is sindsdien een beetje uitgesleten en vergraven, vooral in het midden waar hij tegenwoordig de Hengstdalseweg kruist. Een poosje geleden is deze kruising vervangen door een rotonde. Er was geld voor een kunstwerk op de rotonde, en dus ook een geschikt moment om ‘iets te doen’ met het aquaduct. De gemeente toonde zich een goed bestuurder door de omwonenden te laten meedenken over het ontwerp. Die inspraak botste nogal eens met de ideeën van de Commissie Beeldkwaliteit, waardoor het proces behoorlijk is vertraagd.
Uiteindelijk zijn er drie ontwerpen uit de bus gerold. Het eerste is een 5 meter grote ring met 1 meter hoge Romeinse woorden in spiegelbeeld van wit beton. Donkere tegels eromheen moeten de tekst leesbaar maken bij regen. Het tweede is een constructie met ‘golven’ van roestvrij staal, geïnspireerd op Romeinse mozaïeken. Het derde geeft met enkele hoge palen de contouren aan van het aquaduct. Blauwe lampen laten zien hoe hoog het water ooit liep en in welke richting. Een overzicht van de plannen is hier te vinden. Komende maandag 8 april, om 20.00 uur, wordt openbaar gestemd over de drie ontwerpen. De bijeenkomst is in de Ark van Oost en de stemmen worden heel officieel geteld door een notaris. Alle inwoners van Oost worden aangespoord om te komen.
Het is mooi dat op deze plek straks wordt verwezen naar de Romeinen, hoewel ik me afvraag waarom dat in een ‘kunstzinnig’ jasje gestoken moet worden. Nijmegen-Oost is juist door de gemeente aangewezen voor het tonen van reconstructies. Zal wel uit een ander potje komen. Het gevaar van de artistieke insteek is dat de belangrijkste en meest indrukwekkende eigenschap van het aquaduct – de hoogte – makkelijk wordt vergeten. Alleen het derde ontwerp heeft die hoogte als uitgangspunt genomen, en steekt daarmee – bijna letterlijk – met kop en schouders uit boven de rest (die ontsierende lantaarnpaal op de foto wordt verplaatst). Dat maakt de keuze wat mij betreft al een stuk makkelijker. Maar het belangrijkste is dat de bewoners van Oost een monument krijgen waar ze zelf achter staan.