Dit is het archief van de categorie ‘Wonen’

Pech

Een bijdrage van Vincent Cantrijn, gepubliceerd op 6 juni 2015

Afgelopen donderdag heb ik tijdens de Benefietavond voor de Weekendschool onderstaande column uitgesproken.

Je zult maar als kind de pech hebben om op te groeien in een situatie waarin leuke en interessante dingen als minder belangrijk beschouwd worden. Dat je daar niet aan mag mee doen, terwijl je dat heel graag zou willen. Dan loop je een achterstand op met verschillende vaardigheden. Ik spreek uit eigen ervaring. Omdat ik op de lagere school goed kon leren mocht ik misdienaar worden. Daarnaast moest ik ook nog gaan zingen in het jongenskoor in de kerk. Nou; daar was ik mooi klaar mee. Niks geen verkennerij met spannende dingen. Zingen in het koor en braaf kijken als misdienaar. Dat had ik weer. Dat ik daardoor hele stukken Latijn nog steeds moeiteloos uit mijn hoofd kan zingen schiet niet hard op bij het oplossen van technische probleempjes tijdens trekkings in de wildernis met vrienden. Aanleren van deze vaardigheden was in mijn jeugd niet belangrijk. Dapper draag ik mijn lot als ik weer moet horen: “Dat? Dat kan Vincent niet!” Lees verder »

Realiteit

Een bijdrage van Vincent Cantrijn, gepubliceerd op 12 december 2014

Tussen ideaal en realiteit ligt vaak een wereld van verschil. Politici kunnen er over meepraten; Hubèrt Bruls voorop. Dat is afgelopen week gebleken. Rob Jaspers heeft een tijd geleden in het Nieuwscafé van de Gelderlander het dringende verzoek gedaan aan Rob Jetten van D66 om serieus oppositie te voeren en uit te scheiden met het stellen van onnozele schriftelijke vragen aan het College. Rob Jetten beloofde beterschap. Toch zag ik afgelopen week weer een onnozele vraag van D66 op de site van de gemeente staan. Lees verder »

Tijdelijk (2)

Een bijdrage van Vincent Cantrijn, gepubliceerd op 28 november 2014

Mensen van zekere leeftijd, en daarmee bedoel ik mijn generatie en ietsjes ouder, kennen allemaal het lied dat Leen Jongewaard ooit zong: “Kom Kees het is maar tijdelijk; het zal wel weer over gaan”. Nijmegen heeft de laatste decennia weinig wethouders gehad die Kees heetten. Dat is te merken in de stad. Want als hier iets als tijdelijk begint kun je er donder op zeggen dat er van alles en nog wat gebeurt, behalve dat het over gaat. De maycretewoningen aan de Hatertseweg zijn voor mij het bekendste voorbeeld. Lees verder »

Missen

Een bijdrage van Vincent Cantrijn, gepubliceerd op 14 november 2014

U heeft mij een tijd moeten missen. Dat klopt. Ik was met 2 vrienden in Nepal. De Himalaya was als vanouds: kleurrijk; helder; overweldigend. Lees verder »

KOLOS IN DE TUIN

Een bijdrage van Mark Enneken, gepubliceerd op 23 oktober 2014

Omdat Bottendaal en Willemskwartier nog bedacht moesten worden strooide de stad meer dan een eeuw geleden ruimhartig met grond om eindelijk de trein binnen te kunnen halen.

Oh, oh, oh wat waren we blij.

Tientallen jaren hadden we bij de koning op de knieën gelegen om opgenomen te mogen worden in de grote mensenwereld, maar de Staten Generaal zagen het uithoekje aan de Waal niet zitten omdat spoorbruggen prijzig waren.

Nijmegen was goed voor de beurtvaart, de pont en de postkoets.

Verder niet nuilen.

Eerst een kleine veertig jaar nadat Arnhem op het spoor werd aangesloten kwam Nijmegen om de hoek kijken, hetgeen meteen verklaart waarom het tussen NEC en Vitesse niet spoort, maar dat terzijde.

Dermate verheugd was Nijmegen dat men aanvankelijk zelfs vergat om een behoorlijk stationsgebouw te eisen, terwijl de Spoorwegen wel een terrein ter grootte van vele voetbalvelden in de schoot geworpen kreeg en dat breekt thans op.

Het Willemskwartier mort en dat is niet voor het eerst.

Toen Nijmegen zich in de jaren zeventig geen raad met het huisvuil wist kreeg de buurt een overlaadstation in de maag gesplitst, en dat ondanks alle demonstratieve volkswoede die onder leiding van de SP voor jaren een anarchistisch stempel op de stad zou drukken.

Maar dat was toen.

Onder auspiciën van een SP-wethouder wordt thans ernstig overwogen om de spoorkuil op te zadelen met een giga-werkhal die groter is dan de Broerstraat lang is hetgeen geen reden voor veel vreugde is.

Ik bedoel dan het soort vreugde dat wij ontlenen aan het bezit van een achtertuintje dat met behulp van Intratuin en Blokker omgetoverd is in een knus, groen lusthofje waar je schaamteloos je gang mag gaan zolang je er maar geen grote duiventil bouwt.

En wat anders is die spoorkuil anders dan een deel- en pluktuin van Willemskwartier en Bottendaal samen.

Laat ze die geplande kolos maar gebruiken als tunnel voor de Limburgse dieseltreintjes, maar dat wordt vooralsnog niet overwogen.

Integendeel.

Hier moeten straks vol-continue treinen worden opgelapt die nu massaal achter het Centraal Station uitgerangeerd staan te wezen.

Ook al midden in de stad.

Met wat goede wil moet het toch mogelijk zijn elders op een industrieterrein een paar vrije voelbalvelden te vinden waar de NS naar hartelust mag knutselen.

Als het maar niet in onze achtertuin is.

Not in my backyard, afgekort ‘nimby’, hetgeen in de bijbel van de ruimtelijke ordening staat voor een procedure waarbij de buurman opgescheept wordt met een vuiltje dat over de schutting wordt gegooid.

En?

Mark Enneken

St Jacob

Een bijdrage van Jac. Splinter, gepubliceerd op 7 oktober 2013

Afgelopen zaterdag was huur- en koophuizenkijkdag in het land, in de stad en dus ook op Plein 1944. De bouw loopt nog even door maar voor wie een nieuwe woonstee zoekt, zijn er daar nog een stuk of tien te huur en een kleine 50 te koop. Hier staan de plattegronden. Merkwaardig feit: de huurhuizen hebben het mooiste uitzicht. Je betaalt er dan ook wel flink voor: kaal een kleine 900 € per maand; komt nog wat aan energiekosten, parkeerplaats en servicekosten bij. Kost wel wat maar dan heb je ook wat! zullen de projectontwikkelaars gedacht hebben. Over een week of zes wordt het plein vrijgegeven voor het winkelend publiek en ergens in het voorjaar komt er waarschijnlijk nog een soort van openingsfeestje.

#TweetvandeWeek024: Laat Lent…

Een bijdrage van Rosalie Thomassen, gepubliceerd op 27 september 2013

Lent is al lang Lent niet meer. Het dorpje aan de Waal verandert in sneltempo. Nieuwbouw geeft het dorp een steeds meer stads aanzicht. De Waal stroomt bijna nooit meer zoals deze altijd langs Lent stroomde. Nog even en het water stroomt door Lent. Voor een Lentenaar is het allemaal even slikken. De komst van een hoge nieuwe toren voor het hotel dat beroemd is om zijn culinaire hoogstandjes (kuch), appelmoes met kers, is voor veel Lentenaren een brug te ver.

Onder de noemer @LaatLentLaag werd de afgelopen tijd volop geprotesteerd tegen de komst van deze hoteltoren nabij het gloednieuwe station in Lent.

Dat stemt menig Lentenaar en Nijmegenaar niet vrolijk. Ik hoor daar zelf ook bij. Een nieuw hotel in Nijmegen is prachtig, maar waarom per se op die plek. Is hiermee de weg vrij voor een Manhattan aan de Waal, en komt het eiland in de Waal straks ook vol met hoogbouw? Dat schijnt goed te zijn voor de economie. Zal wel, maar ik vind het niet mooi, op die plek. Ik ben niet de enige. Lees verder »

Zoek de verschillen

Een bijdrage van Jac. Splinter, gepubliceerd op 10 september 2013

Ik heb net de houten plantenbakmuur ontdekt in de montagetekening. Had ik nog niet eerder gezien, niet hier en niet op een plattegrond. Het is toch zo’n mooi open plein en dat groen dat overweldigende groen. Voor wie goed kijkt zijn er nog wel een paar verschilen. Ik ben benieuwd of u ze allemaal kunt ontdekken. Ik blijf het toch leuk vinden dat ze in de naamgeving van een gebouw een verwijzing naar mijn naam hebben … Inderdaad dat is geen verschil dat is een overeenkomst.

Als het hek straks weg is ga ik proberen een foto onder dezelfde hoek te maken.

Plein 1944 (2)

Een bijdrage van Paul van der Heijden, gepubliceerd op 5 september 2013

De oplevering van Plein 1944 komt snel naderbij en vrijwel iedereen spreekt erover in lovende woorden. Vooral de combinatie van intimiteit en frisse architectuur valt in de smaak. De plek zelf heeft een roerige geschiedenis. Bij de wederopbouw besloot men dit platgebombardeerde stukje binnenstad niet op te bouwen volgens het middeleeuwse stratenpatroon, maar een rechthoekige ruimte open te laten. Vorige week zagen we al dat het plein in eerste instantie was vernoemd naar Koning Hendrik. Arme Hendrik moest zijn plein al na drie maanden afstaan. De naam werd Plein 1944.

In de jaren ‘50 en ‘60 was het een van de modernste pleinen van Nederland. Je kon er shoppen in hippe winkels met neonlicht, de nieuwste elektrische apparaten kopen, films kijken in het hypermoderne Carolus theater, koffie drinken in grand café’s en swingen in vooruitstrevende jazzcafé’s. En je kon met je auto voor de deur parkeren, ook al zo’n nieuwigheid. Helaas bleek het plein niet opgewassen tegen de snelle ontwikkelingen in de maatschappij. Het verslonsde. De huidige, nieuwe invulling komt als een geschenk uit de hemel. De herinnering aan het hippe plein is, op de Carolus bioscoop na, echter voorgoed verdwenen.

Dat is nog niet alles wat moest wijken. De vorm van het plein had aangepast kunnen worden aan de contouren van de middeleeuwse muur die in de grond zat – een unieke, dubbele ommuring – maar dat is niet gebeurd. Nu ligt die middeleeuwse muur op de stort. Archeologen vonden ook een Romeinse weg en een originele middeleeuwse straat, compleet met keien. Het straatje had ingepast kunnen worden in de kelder van de Primark als historische bezienswaardigheid, maar helaas. Hetzelfde lot trof een bijna intacte kelder van een Begijnhuis uit de 14e eeuw. In een stad die toch al lijdt aan een gebrek aan middeleeuwse overblijfselen, had het een topattractie kunnen worden. Maar ook die kelder is gesneuveld. Alleen een deel van een muurtoren is na lang aandringen gespaard gebleven en teruggeplaatst in de nieuwe parkeergarage.

Zo is het nieuwste en mooiste plein van Nijmegen ongewild ook een icoon van meervoudig weggepoetste geschiedenis.

Nimbus

Een bijdrage van Vincent Cantrijn, gepubliceerd op 31 augustus 2013

Mijn volkshuisvestelijk hart weende afgelopen week bittere tranen. Aanleiding was een opiniërend artikel van Anton van Hooff in het NRC, waarin hij flink tekeer gaat tegen Talis. Heeft Talis de kluit belazerd? Zijn er malversaties gepleegd? Is de directeur er met het geld van de huurders vandoor? Nee; niks van dit alles. Talis is bij het station gestart met de bouw van een 75 meter hoge woontoren. En dat is bij Anton van Hooff helemaal in het verkeerde keelgat geschoten. Dat kan; dat mag; ieder zijn mening. Maar om Talis hierdoor in het zelfde rijtje te plaatsen als Vestia uit Rotterdam en Laurentius uit Breda, twee corporaties die het imago van de corporatiesector flink hebben geschaad, gaat me te ver. Ik ben geen commissaris bij Talis; mijn vrouw werkt er ook niet. Maar door zo’n onterechte vergelijking huilde mijn Nijmeegs sociale volkshuisvestelijk hart bittere tranen. Lees verder »