Kipbeffen

27 augustus 2011 door Vincent Cantrijn

Ik meld me weer na een reis door verre oorden. Het hoofd is leeg. Plek zat om weer wekelijks het wel en wee van Nijmegen te beschouwen. Zoals altijd bij terugkomst informeerde ik in mijn omgeving, of er iets spectaculairs is gebeurd tijdens mijn afwezigheid. Je weet maar nooit of de geschiedenis van Nijmegen een plotselinge wending heeft gekregen. Ik werd gerust gesteld. Ik heb niks gemist; het Nijmeegse leven kabbelde voort. Onze politici zijn niet terug hoeven te komen van vakantie, zoals hun collega’s uit Den Haag. Eigenlijk is dat toch fantastisch. Meer dan een maand gebeurt er niks spectaculairs. Misschien wel juist vanwege het feit, dat politici met vakantie zijn. Dat scheelt een hoop gedoe. NEC sprokkelt de punten en het geld toch wel bij mekaar. Is het voldoende geld om de toekomst van het Tip in de Goffert te garanderen? Noël Vergunst vindt van niet; Hayke Veldman vindt van wel. Blijkbaar heeft Hayke beter weer gehad in de vakantie; dan ziet zelfs de financiële positie van NEC er zonnig uit.  

Bij terugkomst van verre oorden heb ik steevast last van een omgekeerde cultuurschok. Ik heb gereisd door streken, waar bussen met honderd mensen erin en honderd mensen op het dak uren achter elkaar over onverharde wegen hobbelen en hotsen zonder te klagen. Een van de eerste artikelen die ik bij terugkeer in de Gelderlander las, ging over de vakbonden, die protesteren over de onveilige stoelen voor onze buschauffeurs. En de voorruit van de bus staat niet in een hoek van 15 graden,  wat gevaar oplevert bij laagstaande zon. Ten strijde! Alles is relatief, zei Einstein. Hij had gelijk.  Maar ik word er wel moe van als ik zoiets lees.

Nijmegen is populair onder buitenlandse studenten; ook dat las ik in de Gelderlander. Het verbaast me niks. Want de Gelderlander hield ons ook goed op de hoogte, waarmee de studenten zich zoal hebben bezig gehouden. Het in zo’n kort mogelijke tijd zoveel mogelijk kroegen leren kennen is niks nieuws. Studenten kennen na een maand meer namen van kroegen dan van wetenschappelijke medewerkers of schrijvers van studieboeken. Maar dat kipbeffen een noodzakelijk onderdeel is van de kennismaking met Nijmegen was nieuw voor mij. Ook dan bekruipt me het gevoel, waar ik nu toch weer in hemelsnaam ben beland.

Gelukkig was daar gisterenavond Mariken van Nimwegen in hoogst eigen persoon. Zij bracht me weer bij de les. Ze zong tijdens de openingsavond van het Gebroeders van Limburgfestival mij en andere bezoekers toe. “De Schelde is geen Waal; ik ben weer terug in Nijmegen; daar is mijn stad; de stad met zijn eigen verhaal.” Ze keek mij al zingend aan met een blik,  alsof ze wilde zeggen: “Heb het hart niet in je lijf om er anders over te denken.” Mariken kan gerust zijn.

Vind je dit een interessant artikel?
Mail het dan door naar anderen, of deel het via social media:
Pin It

Er zijn 3 reacties gegeven op “Kipbeffen”

  1. Willy Peters zegt:

    … als bijzit van de duivel zou ik het in Antwerpen ook niet zo prettig vinden…

  2. tja zegt:

    Wat moet je met dit soort schrijfsels ? Een opsomming van nieuwtjes en iets doen of laten doen met kippen is niet leuk ? Als je terug wilt in de tijd en mensen als vee wilt vervoeren,die monddood en mak alles goed vinden ? Een chauffeur mag niet verblind worden door een constructie fout,en hoeft ook niet met een rug letsel blijvend ziek te worden,door een ondeugdelijke stoel.
    Wat is daar mis mee dat er op zulke dingen wordt gelet..?
    Ook het beeld van de student , en de “grap”over de kroegen…zo oud als de weg naar Nijmegen.

  3. tja zegt:

    Een student is meestal geen 80 jaar oud,maar jong en die wil naar de kroeg.
    Net zoals ze de kroegen kennen ,kennen ze ook de winkels ,de restaurants ,de koffieshops,en de inkt patroon vul shops.b.v.
    Net als iedereen die 24 uur per dag in deze stad woont ,jong is en niet alleen leeft voor werken of studeren…